Vlinders in de lente

Een poos geleden maakte ik voor Lene, min of meer uit mijn hoofd, een rokje. Ze mocht zelf het stofje uitkiezen en het werd oranje met bloemetjes. Voor het echte ‘mooie-meisjes-effect’ maakte ik het met organza-onderrok. Het lukte niet helemaal goed, want de bovenrok was niet wijd genoeg, waardoor die een beetje opkroop over de onderrok.Bloemenrok

Ondanks het opkruipen was de rok bij Lene een hit. Pfiew. Wekenlang wilde ze bijna geen andere rok aan, echt goed voor het moederhart. En dus besloot deze moeder tot nog een andere rok. Dit keer op basis van het patroon van La Zsazsa uit haar boek ‘Allemaal rokjes’. Lene  mocht wéér het stofje uitkiezen. Uit een vooraf geselecteerd stapeltje hè? Inspraak is leuk, maar je moet dochters niet teveel te kiezen geven, daar krijgen ze het van in hun bol… Ze was in de wolken over de vlinders – en ik ook. “Kan ik het dan morgen aan, mama?” Oef, de mama in kwestie moest nog even doorwerken. Maar het lukte.

Vlinderrok

Ik volgde eens netjes de aanwijzingen – en dat leverde me nog een keer openknippen op. Mme Zsazsa gebruikt veel betere boordstof dan ik, want die van mij lubberde zoveel uit dat het fronsrokje van de kleine-meisjes-billen afgleed. Dus deed ik er tóch een elastieken band in. Het werd wéér een hit en staat ook echt schattig. Ik deed ook nog iets héél creatiefs dat ik eerder deed. Iets waar ik zelf érg enthousiast over was. Ik flockte:

Vlindershirt

 

Énig toch?! Zegt u het nou eens! Zó leuk. Zó tevreden dat ik was. Het deed me nog dromen van toen ze klein en onschuldig was. Bijna twee jaar geleden… Nou, dat heb ik geweten. Het t-shirt is AFGEKEURD. Ze wil het niet aan. Of beter, ze wil het “mórgen wel aan, papa”. Elke dag. Toen ik probeerde te achterhalen waarom niet vroeg ik “Vind je soms de kleur niet mooi?” Waarop ze antwoordde: “Nee, en het blauw ook niet. Ik wil alleen maar roze.” Ouch. Die fase dus. Gelukkig vindt Kasper het t-shirt gewéldig. Hij heeft gelijk. En nu draagt hij de vlinders. Zodat ik niet in een hoekje mijn wonden hoef te likken…

Advertisements

Voor Nummer 3

Ik dacht dat ik niet-zo-heel-lang-geleden nog iets gepost had op dit blog. Vóór de blauwe bessen muts, bedoel ik. Maar dat bleek toch ook alweer drie (3!!) maanden geleden! Wat heb ik al die tijd gedaan?! Nou, ik was druk. En moe. Zóóó moe. Dat kwam niet alleen van het druk. Er was ook een Geheim. Een heel klein Geheim. Inmiddels is dat allang geen geheim meer:  Nummer 3 komt er aan! De bolle buik groeit gestaag, Kasper heeft deze week ‘beeeby’ (soms eerder ‘bieby’) leren zeggen en Lene zegt al heel wijs: “Dat weten we niet hè, of het een zusje of een broertje wordt?! Nee, want dat kunnen we NIET zien. Het zit in de buik. En die wordt steeeeeeds dikker en dikker en dikker!”. We hebben maar niet verteld dat we het wel hádden kunnen zien, of nummer 3 een zusje of een broertje wordt. Maar dat we tegen de echoscopiste zeiden “nee, we willen het níet weten!”.

Inmiddels is de energie een beetje terug. En merk ik nog aan iets mentaals dat ik zwanger ben: een enorme behoefte aan het haken van dekentjes nam bezit van me 🙂 En dus ben ik bezig voor nummer 3. Ik vond via haar (met wie ik een voorliefde voor Scandinavisch design deel) een Deens blog, waarop een prachtige deken stond. Die deken was 130×170 en dus een beetje te groot voor een baby, maar inmiddels heb ik een daarop gebaseerd patroon uitgepuzzeld. Dat ziet er gestyleerd zó uit:

Schermafbeelding 2014-02-25 om 21.12.55

 

Als ik het hier bij houd, moeten er 63 blokjes gehaakt worden. Misschien worden het er 70, om de lengte iets te verlengen. Nu schat ik de eindmaten op 82 x 104 cm. Ik heb al 24 lapjes. En lapjes mogen alleen meetellen als ik de draadjes heb afgehecht. Kwestie van streng tegen mezelf zijn… Dat ziet er vooralsnog zo uit:

lapjesIk haakte overigens ook nog wel wat andere vierkantjes. 11 stuks, om precies te zijn, in andere kleuren. Omdat het Plan eerst heel anders was. Maar die moeten blijven liggen, tot ik nog eens aan die deken voor op ons eigen bed toekom…. 😉

Wordt vervolgd!

 

De muts die niet goedgekeurd werd

In Denemarken kocht ik een paar maanden geleden een schattig patroon voor een babymutsje: een ‘blåbærhue’ (een blauwe bessen muts). Er zat bijbehorende wol bij die inderdaad een mooie blauwe kleur had. Ik vertaalde het patroon en breide de kleinste maat: nyfødte (pas geborenen). Ik vond het stom gepriegel (naalden 3 en dunne wol) maar zette toch door. Het werd een muts helemaal naar het plaatje.

muts

 

De vulling steekt wat uit, maar de muts is echt rond. 😉

Helaas viel hij wel wat groter uit dan gedacht. Echt geen blåbærhue til nyfødte hoor. Eerder krap-an Kasper’s maat. Nou leek me dat wel schattig. Nou, vergeet het maar. De muts mag Niet. OP. ZIJN. HOOFD. ‘NEE!!’ Eigenlijk draagt Kasper alleen haar muts. Die nu echt goed past, het is een meegroei-muts. Hoewel de winter zo mild is dat ook dat niet vaak gebeurt. Ik zou trouwens eens een nieuwe foto mogen nemen, de kinderen zijn echt enorm gegroeid, als ik door die oude posts blader schrik ik hoe snel het allemaal gaat!

Dus heb ik nu een muts over. Weet iemand een kleine dreumes met een koud bolletje en een voorliefde voor blauwe bessen…??

Mijn ziel en zaligheid – en 18 bollen

“Ik brei een mooi dekentje, zoek maar een patroon”, riep ik. En ook “Nee, natuurlijk is dat niet moeilijk, het is juist supereenvoudig!!” toen ze met dit patroon kwam. Dat klopte. Het patroon is ribbelsteek. Eén lang stuk rechttoe-rechtaan. Dat was toen ik net 6 dagen een ‘tweede baan’ had gekregen – en ik had geen idee waar ik aan begon. Mijn dagen stroomden vol en de deken kwam in de verdrukking. Het mooie kindje werd gelukkig geboren in een hittegolf en had haar deken niet direct nodig. Maar ik besliste dat de deken niet goed gebreid was en haalde 8 gebreide bollen weer helemaal uit. Andere maten moesten het worden!

Ik breide. Soms. En breide soms heel hard. Maar niet vaak genoeg, niet lang genoeg en het dekentje… Het was geen moeilijk patroon, maar wel verschrikkelijk veel werk. Dus ik breide door. Mijn ziel en zaligheid gingen er in. In de moeilijke maanden was het dekentje een uitlaatklep. In de leuke maanden was het gewoon een hobby. Aan het einde werd het een molensteen.

Maar….

Deken

 

HET. IS. AF.

900 gram, dus 18 bollen. 238 ribbels. Heel veel uurtjes werk. Heel veel draadjes om af te hechten. Zelfs nog 6 terwijl de overdracht al plaats zou vinden! Het is wel een fijne, rekbare en warme deken geworden. Ik heb de maten niet eens meer gemeten. Maar ik ben er best trots op. Slaap lekker, kleine koukleum. Blij dat je er nog onder past…

Dekentje2

Voor kleine meisjes

Lang geleden maakte ik twee tasjes voor kleine meisjes, toen ze grote zus zouden worden. Voor Lene was het een hit van jewelste. Ze wil eigenlijk de deur niet uit zonder haar tasje, waar ze ook een standaardpakket spullen in verzamelde: haar ‘foon’, haar fototoestel, kam en borstel, sleutels, ketting en liefst een pen. Als we weggaan doet ze van “Tás, TÁS!” en rust niet voor ze die goed om heeft. Toen we een weekend weg waren bleek de tas ook voor grote nicht Nora een enorme aantrekkingskracht te hebben, dus maakte ik er nog eens één ter ere van haar derde verjaardag.

NoraToen we bij die verjaardag aankwamen zat Nora op haar fiets met… een tas om haar nek! Verdorie… Een roze, met glitters en ‘bont’. Zo’n Disney-achtig geval waar kleine meisjes om de een of andere reden op uitslaan. Ik zag mijn paar uurtjes werk al naar de maan gaan. Maar gelukkig: Nora wilde tóch wel met mijn tas! Het hielp enorm dat haar naam er op stond: “Kijk, Lene, daar staat NORA!”. Lene keek bewonderend en niet volledig begripvol toe. Het hielp ook dat ik er wat van die Disney-achtige troep in had gestopt…. 🙂 Ja, een mens moet zijn pappenheimers kennen hè.

Tasjes

Een hele poos geleden maakte ik een aantal sjaals. Voor mijn moeder en voor een vriendin met haar dochter. Een laatste maakte ik voor een vriendin in het buitenland. Leuk voor haar verjaardag. In februari. Dat plan werd nooit meer volledig uitgevoerd, de tasjes kwamen niet af. Het pakje werd dus niet opgestuurd. Dat laatste heb ik overigens met wel meer vrienden in het buitenland, ahum.

Vorige week maakte ik het eindelijk af, want de vriendin kwam hier eten. Ik maakte me een half avondje kwaad, want de lapjes lagen al geknipt en verstevigd klaar. Een kleine anderhalf uur had ik nodig. Belachelijk dat ik die niet eerder vond… Maar goed, de tasjes naar het patroon van Noodlehead werden erg leuk. Ik gebruikte een stukje van mijn favoriete stofje. In de kleinste zit de sjaal opgevouwen!

TASJES

Rokje

Het zijn hier rare tijden. Drukke tijden, mooie tijden en soms is er een donkere wolk. De hobby’s schoten er volledig bij in, de afgelopen maanden. Net als sporten en de vrienden. Maar de zomer staat op het punt te beginnen en straks wordt het rustiger. En ik maakte een pas op de plaats. Prompt werd de naaimachine weer boven gehaald. Ooit maakte ik een jurkje voor mezelf, dat niet voldeed. Ik droeg het bijna nooit, dus ik legde het bij de trap om het weer in de stoffenkast te stoppen. En toen zag Lene het en riep “oh, móóóói!”.

*Ping* – een idee! Van het onderste deel van de jurk maakte ik dus een rokje voor haar. Zoom zat er al in, aan de omvang niets veranderd en uit de losse pols een ronding geknipt, zodat de voorkant (die hangt onder de peuterbuik) korter is dan de achterkant (die over de peuterbillen heen moet). Een rimpelrokje!

RokjeLene was zeer onder de indruk. Van de spelden (“prikken!”), van de schaar (“éng!”) en van de naaimachine. Het was ook leuk om te doen met de kinderen er bij en oma om aan Lene wat uitleg te geven, want het vroeg weinig denkwerk. Lene was vanochtend apetrots en holde bij de crèche naar binnen om de rok te laten zien. Genieten dus. En poseren moest met mama’s zonnebril 🙂

Rokje 2

 

Het is nogal een verschil hè, met bijvoorbeeld déze rokjesfoto.

Maten: buikomtrek 48 cm, lengte voor 18 cm, lengte achter 24 cm en bij de zijnaden ongeveer 21 cm. Ik heb de breedte van de stof niet gemeten, maar dat nam ik dus uit mijn jurkje en het zal ongeveer 2x 85 cm zijn geweest, zodat er nu lekker veel rimpels zijn.