Monthly Archives: March 2014

Fiets

Een paar weken geleden bezocht Lene haar vriendinnetje Emma. Emma bleek een fiets te hebben. Een échte fiets, met een standaard en een mandje en trappers – in die volgorde van belang. Vanaf dat moment wees Lene élke gekleurde fiets op straat aan met de mededeling “ik wil óók zo’n fiets!!” We hebben het nog een poosje afgehouden met het argument dat het wat beter weer moest worden. Vooral om te voorkomen dat wij de hele tijd in de regen naast de fiets moesten lopen. Maar nu was het echt tijd: een fiets moest er komen. Dus gingen we dit weekend op jacht en we vonden… een ROZE fiets! Dat is overigens niet zo’n prestatie, kan ik u vertellen. Het is een illusie om te denken dat er kinderfietsen te koop zijn. Nee, meisjesfietsen zijn er – of jongensfietsen. Daar is weinig tussenweg in. Belachelijk vind ik het, die strak afgebakende ‘jongens’-dingen en ‘meisjes’-dingen. Terug naar de tijd van Jip en Janneke is het, waar het meest vooruitstrevende zinnetje is “Meisjes kunnen ook machinist worden, dat weet ik zeker”, maar verder moeder vooral thuis is en blij met heur nieuwe stofzuiger. Zó blij dat ze helemaal vergeet te koken, jaja… En dat wás wat hoor, in die tijd! Pfff…

Enfin, die fiets dus. Lene is de koning te rijk, zó trots. En het moet gezegd worden: ze was er meteen op weg. Ze rijdt al best hard en valt ook om. Maar daar doet ze helemaal niet kinderachtig over. Ze staat zonder drama weer op en klimt weer op haar fiets. Nu nog een standaard er op monteren, want die had de betreffende winkel niet. Net als een mandje. Er moet wat te wensen overblijven.

LeneOh en u wilde ook weten hoe groot beide kinderen worden, dus hebben we ook nog een foto met Kasper gemaakt. Die heel trots is op zijn grote zus en haar fiets, maar er zelf nog even niet op hoeft. Tot grote opluchting van Lene, die van de weeromstuit aan Kasper aanbiedt dat hij er op mag. “Of vind je dat nog een beetje spánnend, Kasper??” “Jaa….”

L&K

Vlinders in de lente

Een poos geleden maakte ik voor Lene, min of meer uit mijn hoofd, een rokje. Ze mocht zelf het stofje uitkiezen en het werd oranje met bloemetjes. Voor het echte ‘mooie-meisjes-effect’ maakte ik het met organza-onderrok. Het lukte niet helemaal goed, want de bovenrok was niet wijd genoeg, waardoor die een beetje opkroop over de onderrok.Bloemenrok

Ondanks het opkruipen was de rok bij Lene een hit. Pfiew. Wekenlang wilde ze bijna geen andere rok aan, echt goed voor het moederhart. En dus besloot deze moeder tot nog een andere rok. Dit keer op basis van het patroon van La Zsazsa uit haar boek ‘Allemaal rokjes’. Lene  mocht wéér het stofje uitkiezen. Uit een vooraf geselecteerd stapeltje hè? Inspraak is leuk, maar je moet dochters niet teveel te kiezen geven, daar krijgen ze het van in hun bol… Ze was in de wolken over de vlinders – en ik ook. “Kan ik het dan morgen aan, mama?” Oef, de mama in kwestie moest nog even doorwerken. Maar het lukte.

Vlinderrok

Ik volgde eens netjes de aanwijzingen – en dat leverde me nog een keer openknippen op. Mme Zsazsa gebruikt veel betere boordstof dan ik, want die van mij lubberde zoveel uit dat het fronsrokje van de kleine-meisjes-billen afgleed. Dus deed ik er tóch een elastieken band in. Het werd wéér een hit en staat ook echt schattig. Ik deed ook nog iets héél creatiefs dat ik eerder deed. Iets waar ik zelf érg enthousiast over was. Ik flockte:

Vlindershirt

 

Énig toch?! Zegt u het nou eens! Zó leuk. Zó tevreden dat ik was. Het deed me nog dromen van toen ze klein en onschuldig was. Bijna twee jaar geleden… Nou, dat heb ik geweten. Het t-shirt is AFGEKEURD. Ze wil het niet aan. Of beter, ze wil het “mórgen wel aan, papa”. Elke dag. Toen ik probeerde te achterhalen waarom niet vroeg ik “Vind je soms de kleur niet mooi?” Waarop ze antwoordde: “Nee, en het blauw ook niet. Ik wil alleen maar roze.” Ouch. Die fase dus. Gelukkig vindt Kasper het t-shirt gewéldig. Hij heeft gelijk. En nu draagt hij de vlinders. Zodat ik niet in een hoekje mijn wonden hoef te likken…

Voor Nummer 3

Ik dacht dat ik niet-zo-heel-lang-geleden nog iets gepost had op dit blog. Vóór de blauwe bessen muts, bedoel ik. Maar dat bleek toch ook alweer drie (3!!) maanden geleden! Wat heb ik al die tijd gedaan?! Nou, ik was druk. En moe. Zóóó moe. Dat kwam niet alleen van het druk. Er was ook een Geheim. Een heel klein Geheim. Inmiddels is dat allang geen geheim meer:  Nummer 3 komt er aan! De bolle buik groeit gestaag, Kasper heeft deze week ‘beeeby’ (soms eerder ‘bieby’) leren zeggen en Lene zegt al heel wijs: “Dat weten we niet hè, of het een zusje of een broertje wordt?! Nee, want dat kunnen we NIET zien. Het zit in de buik. En die wordt steeeeeeds dikker en dikker en dikker!”. We hebben maar niet verteld dat we het wel hádden kunnen zien, of nummer 3 een zusje of een broertje wordt. Maar dat we tegen de echoscopiste zeiden “nee, we willen het níet weten!”.

Inmiddels is de energie een beetje terug. En merk ik nog aan iets mentaals dat ik zwanger ben: een enorme behoefte aan het haken van dekentjes nam bezit van me 🙂 En dus ben ik bezig voor nummer 3. Ik vond via haar (met wie ik een voorliefde voor Scandinavisch design deel) een Deens blog, waarop een prachtige deken stond. Die deken was 130×170 en dus een beetje te groot voor een baby, maar inmiddels heb ik een daarop gebaseerd patroon uitgepuzzeld. Dat ziet er gestyleerd zó uit:

Schermafbeelding 2014-02-25 om 21.12.55

 

Als ik het hier bij houd, moeten er 63 blokjes gehaakt worden. Misschien worden het er 70, om de lengte iets te verlengen. Nu schat ik de eindmaten op 82 x 104 cm. Ik heb al 24 lapjes. En lapjes mogen alleen meetellen als ik de draadjes heb afgehecht. Kwestie van streng tegen mezelf zijn… Dat ziet er vooralsnog zo uit:

lapjesIk haakte overigens ook nog wel wat andere vierkantjes. 11 stuks, om precies te zijn, in andere kleuren. Omdat het Plan eerst heel anders was. Maar die moeten blijven liggen, tot ik nog eens aan die deken voor op ons eigen bed toekom…. 😉

Wordt vervolgd!